|
H E R S C H E P P I N G
- VERSIE 1.1 bijbelstudies van Maarten te Hennepe over grondslagen en toepassing van het christelijke geloof |
||||||||
| start | inhoud | inleiding | achtergrond | trefwoorden | levensvragen | reageren | cd-rom | help |
|
|||
2. |
Schepping |
||
2. |
Geestelijke wereld |
1. |
Schepping van de geestelijke wereld |
De geestelijke wereld is de ontastbare werkelijkheid, waarvan de hemel deel uitmaakt. Deze werkelijkheid is totaal anders dan de tastbare, stoffelijke werkelijkheid, maar minstens even werkelijk. Een belangrijk verschil is dat de stoffelijke wereld beperkt is in ruimte en tijd, terwijl in de geestelijke wereld afstanden en tijd gewoon niet bestaan. Het doet denken aan dromen, waar afstanden niet bestaan en alle tijden door elkaar kunnen lopen. In feite zijn dromen ook ervaringen van de menselijke geest, dus vandaar dat de vergelijking niet eens zo slecht is. In de stoffelijke wereld is van alles meetbaar, zoals lengte, inhoud, gewicht, temperatuur. In de geestelijke wereld spelen morele waarden een belangrijke rol. Daar worden begrippen als liefde, trouw, zonde, dienstbaarheid meetbaar en zichtbaar. Dat zijn dus meer de innerlijke dingen, in plaats van de uiterlijke dingen waaruit de stoffelijke wereld bestaat.
De geestelijke wereld lijkt erg abstract en onbegrijpelijk, misschien wel even moeilijk te begrijpen als radio en televisie voor iemand uit de achttiende eeuw. Zo iemand zou heel verdwaasd staan te kijken als we hem zouden vertellen over radio en televisie, waarbij geluiden en beelden via onzichtbare golven over de hele wereld worden uitgezonden en ontvangen. Maar toch staat er in de Bijbel zo veel over de geestelijke werkelijkheid, dat we er heel veel over te weten kunnen komen.
In 2 Korintiërs 4:18 lezen we dat de onzichtbare, geestelijke wereld eeuwig is en de zichtbare, stoffelijke wereld tijdelijk. De stoffelijke wereld is uit de geestelijke wereld ontstaan (Heb.11:3) en daarom mogen we er rustig van uitgaan dat de geestelijke wereld veel omvangrijker en complexer is dan de stoffelijke wereld. De geestelijke wereld is verhevener en grootser dan de stoffelijke wereld. Daarom wordt van geestelijke wereld vaak gezegd dat die zich boven ons bevindt (Ex.20:4-5) en dat moet natuurlijk figuurlijk worden opgevat. In de Bijbel worden de geestelijke en de stoffelijke wereld vaak aangeduid met de woorden hemel en aarde. De geestelijke wereld is tegelijk onbereikbaar ver weg voor ons lichaam en tegelijk heel dichtbij voor onze geest.
De geestelijke wereld is geen vage abstractie, maar een werkelijkheid die bruist van leven. Oorspronkelijk bestond de geestelijke wereld alleen uit de hemel en haar bewoners. De hemel bestaat uit meerdere gedeelten: God woont in de allerhoogste hemel die voor niemand anders toegankelijk is. Het woord "hoog" is in dit verband niet zozeer een plaatsaanduiding, maar een aanduiding van geestelijke status, uitgedrukt in geestelijke eigenschappen als heiligheid en liefde. God woont ook in de "gewone" hemel en wel samen met zijn engelen. We mogen verwachten dat alles in de hemel bestaat uit een soort geestelijke materie, die in de hemel door iedereen waarneembaar is.
Ik ga er van uit dat God de engelen geschapen heeft nadat Hij de geestelijke wereld had gemaakt. Op sommige bijbelplaatsen worden ze zonen van God genoemd (Job.1:6; 38:7), omdat God hen als Schepper tot leven heeft geroepen. Engelen hebben geen stoffelijk lichaam, maar zijn zuiver geestelijke wezens en hebben dus alleen een geestelijk lichaam. Soms kunnen ze zich tijdelijk in een aards lichaam op aarde manifesteren. Over hen is veel te zeggen, want de Bijbel geeft er veel informatie over. Zo zijn er allerlei soorten engelen, zoals:
Veel mensen denken dat alle engelen vleugels hebben, maar dat geloof ik niet. Ze hebben absoluut geen vleugels nodig om zich in de geestelijke wereld te verplaatsen. Daar gelden immers totaal andere wetten voor tijd, ruimte en zwaartekracht of wat er maar voor doorgaat. Een uitzondering daarop zijn de cherubs, waarvan gezegd wordt dat ze vier vleugels hebben (Ez.1:6)..
Hoewel mensen zijn geschapen om op aarde te leven, heeft God hen ook mogelijkheden gegeven om in de geestelijke wereld te functioneren. De mens is namelijk geschapen met een geest, waarmee hij bijvoorbeeld in staat is te communiceren met God. Tijdens zijn leven op aarde functioneert de mens voornamelijk in de stoffelijke wereld, maar na zijn sterven is het andersom: dan zal hij bijna uitsluitend in de geestelijke wereld functioneren, en wel tot aan de lichamelijke opstanding. Daarna mogen we verwachten dat de mens tot zijn volle doel zal komen: met een nieuw soort lichaam in de stoffelijke wereld leven en met een geest die in volmaakte verbondenheid met de geestelijke wereld zal zijn.