|
H E R S C H E P P I N G
- VERSIE 1.1 bijbelstudies van Maarten te Hennepe over grondslagen en toepassing van het christelijke geloof |
||||||||
| start | inhoud | inleiding | achtergrond | trefwoorden | levensvragen | reageren | cd-rom | help |
|
|||
2. |
Schepping |
||
6. |
Mens geschapen als man en vrouw |
3. |
Karakterverschillen man en vrouw |
Gods koningschap en aantrekkelijkheid zijn niet alleen modellen voor de globale posities voor de man en de vrouw. God heeft mannen en vrouwen ook toegerust met aangeboren eigenschappen, die hen helpen om deze verschillende posities naar behoren in te nemen. Mannen en vrouwen hebben duidelijk lichamelijke verschillen. Daarom hoeft het ons niet te verbazen dat ze ook verschillen vertonen in hun basiskarakter (aangeboren karaktereigenschappen) dat daarmee samenhangt. Laten we eens kijken naar enkele stereotype verschillen, die uiteraard niet in dezelfde mate bij alle mannen en vrouwen voorkomen.
Bij mannen komen we wilskrachtige en verstandelijke eigenschappen meer tegen dan bij vrouwen. Deze eigenschappen zijn gerelateerd aan de godsaspecten soevereiniteit en wijsheid.
De man heeft doorgaans meer behoefte aan zelfstandigheid en uitdagingen. Hij is relatief ondernemend en avontuurlijk. Doordat hij een steviger botstructuur en meer spiermassa heeft dan de vrouw is hij lichamelijk ook sterker en dat vertaalt zich natuurlijk ook in innerlijke eigenschappen. Het geeft hem meer overwicht en dat dient hij te gebruiken tot bescherming van de vrouw die kwetsbaarder is. Hij is eerder zaakgericht en taakgericht dan relatiegericht, zodat hij vaak betere prestaties levert dan de vrouw, vooral bij sterk specialistisch werk. De man is niet intelligenter dan de vrouw, maar wel sterker in rationeel denken. Daardoor is hij objectiever dan de vrouw en die eigenschap is belangrijk voor een stabiel leiderschap. Tegelijk is dat ook zijn zwakke punt. Door zijn rechtlijnige manier van denken is hij vaak blind voor de fijnere nuances van het leven. Hij doet er goed aan om naar de vrouw te luisteren, die op dat gebied meer in huis heeft.
De gevoelsmatige en gelijkmatige eigenschappen komen we bij vrouwen meer tegen dan bij mannen. Deze eigenschappen zijn gerelateerd aan de godsaspecten vriendelijkheid en zorgzaamheid. De vrouw is gevoeliger in bijna alle opzichten. Ze heeft meer behoefte aan relaties, omgang met mensen en verzorgen. Doordat de vrouw beter met emoties kan omgaan dan de man, is ze relationeel beter ontwikkeld en beter toegerust voor allerlei mensgerichte taken. Verder is de intuïtie bij de vrouw beter ontwikkeld dan bij de man. De combinatie gevoel en verstand kan ook grote creativiteit opleveren. Door haar grotere gevoeligheid is de vrouw vaak kwetsbaarder in moeilijke levensomstandigheden. Ook is ze kwetsbaarder voor verleidingen en ze doet er goed aan zich op dat punt te laten beschermen of ondersteunen door de man. Verder is een vrouw relatief veelzijdig en kan ze een grote verscheidenheid aan taken uitvoeren, terwijl de man dikwijls meer de specialist is die meer weet over veel minder.
De karakterverschillen tussen mannen en vrouwen hangen samen met de verschillen in hersenstructuur bij mannen en vrouwen. Bij vrouwen zijn diverse functies meer verspreid over de hersenen, sommige zelfs verdeeld over de beide hersenhelften. Bij mannen zijn de meeste hersenfuncties duidelijker op één plaats georganiseerd. Daardoor zijn mannen over het algemeen meer specialistisch ingesteld, terwijl vrouwen vaak meer van alle markten thuis zijn. Bij mannen zijn verstand en gevoel meer gescheiden, waardoor ze in staat zijn objectiever naar de dingen te kijken. Daarentegen liggen bij vrouwen verstand en gevoel veel in de hersenen dichter bij elkaar en zijn verstand en gevoel meer verstrengeld. Daardoor zijn vrouwen over het algemeen fijngevoeliger in hun optreden, maar ook subjectiever in hun waarnemingen. Zij zien niet alleen de feiten, maar tegelijk hoe zij er zelf in hun gevoel op reageren, vandaar de neiging tot inkleuring van feiten bij vrouwen. Zij registreren de waarneming en de bijbehorende emoties bij elkaar, terwijl dat bij mannen twee verschillende dingen zijn.
Iedereen komt op de wereld met een verzameling aangeboren eigenschappen (basiskarakter). Alle denkbare eigenschappen die men bij de geboorte kan meekrijgen, komen zowel bij mannen als vrouwen voor. En toch kennen we allemaal de typisch mannelijke en vrouwelijke eigenschappen, die we hiervoor genoemd hebben. Door als man of als vrouw geboren te worden krijg je een portie extra mannelijke ofwel vrouwelijke eigenschappen mee. Dus:
basiskarakter van man/vrouw =
aangeboren algemene eigenschappen +
aangeboren extra mannelijke/vrouwelijke eigenschappen +
Het basiskarakter wordt vervolgens aangevuld door omgevingsfactoren en levenservaringen. De heersende opvattingen over de rollen voor mannen en vrouwen zullen ook tot op zekere hoogte bijdragen tot de karakterverschillen die we bij mannen en vrouwen tegen komen. Samengevat kunnen we stellen:
karakter van man/vrouw =
aangeboren eigenschappen +
aangeboren mannelijke/vrouwelijke eigenschappen +
aangeleerde eigenschappen +
aangeleerde mannelijke/vrouwelijke eigenschappen
Er zijn mannen en vrouwen, voor wie die de mannelijke of vrouwelijke eigenschappen minder duidelijk naar voren komen, bijvoorbeeld bij wilskrachtige vrouwen of gevoelsmatige mannen. Daardoor zien we dat de typisch mannelijke of vrouwelijke eigenschappen ook bij het andere geslacht tegen komen en soms heel nadrukkelijk. Dat is op zich helemaal niet erg. Het is belangrijk dat we als mannen en vrouwen de posities innemen, die volgens de Bijbel bij het man-zijn en bij het vrouw-zijn horen, ondanks hun individuele karakter.
Zie ook "Omgaan met karakter van huwelijkspartner" in studiedeel "Veranderd gedrag".