H E R S C H E P P I N G - VERSIE 1.1
bijbelstudies van Maarten te Hennepe over grondslagen en toepassing van het christelijke geloof
start inhoud inleiding achtergrond trefwoorden levensvragen reageren cd-rom help

 

Ga naar het vorige studiedeel  Ga naar het begin van dit studiedeel  Ga naar het volgende studiedeel

2.

Schepping


Ga naar het vorige hoofdstuk  Ga naar het begin van dit hoofdstuk  Ga naar het volgende hoofdstuk

5.
Menselijk karakter

Ga naar de vorige pagina  Niet geactiveerd  Ga naar de volgende pagina

1.
Karakter, persoonlijkheid en andere begrippen

 

In het vorige hoofdstuk ging het over wezenskenmerken van de mens, die gelden voor alle mensen. Nu gaan we het hebben over de unieke kenmerken van individuele mensen, die we ook wel karakterkenmerken kunnen noemen.

Elk mens is uniek

Op het eerste gezicht lijkt het vreemd dat God zijn veelkleurigheid heeft afgebeeld in honderdduizenden soorten planten, landdieren, zeedieren en vogels, terwijl Hij maar één soort mensen heeft geschapen. Toch is Gods veelkleurigheid wel degelijk tot uitdrukking gekomen in de mensen, maar die komt vooral naar voren in hun verschillende karakters. Binnen Gods schepping mogen we allemaal onze unieke plaats innemen, waarbij we als mensen met verschillende karakters elkaar prachtig kunnen aanvullen. Samen kunnen we als mensen een min of meer compleet beeld van de Schepper tonen.

Karakter, persoonlijkheid, basiskarakter

Laten we eerst een paar termen op een rijtje zetten, die voor ons onderwerp van belang zijn.

Iemands KARAKTER kunnen we omschrijven als het totaal van alle typerende gedragskenmerken. Die kenmerken hebben te maken met wat er in de persoon leeft en hoe hij met zijn omgeving communiceert. 

De termen PERSOONLIJKHEID en karakter liggen dicht bij elkaar. Bij het woord "karakter" gaat het meer over de herkenbare eigenschappen van groepen personen, terwijl bij de term "persoonlijkheid" meer de nadruk ligt op het unieke van elk individu. 

Veel karaktereigenschappen hebben wij van onze ouders geërfd. Het totaal van alle geërfde karaktereigenschappen noemen we ook wel BASISKARAKTER of temperament. In deze studie zullen we steeds de term basiskarakter gebruiken. Dat is het unieke grondpatroon dat we bij onze geboorte in de genen hebben meegekregen. Het is onze erfelijke aanleg. In de psychologie wordt ervan uitgegaan dat vooral de volgende eigenschappen voornamelijk erfelijk zijn, en in mindere mate het gevolg van omgevingsfactoren:

Persoonlijkheidsvorming

Gedurende de jeugdfase vindt de eerste ontwikkeling van het zielenleven plaats. Eerst ontwikkelen de emoties zich. Denk maar aan zuigelingen, bij wie je alleen gevoelsreacties tegenkomt, bijvoorbeeld huilen als ze honger hebben of als ze het koud hebben. Vandaar dat jonge kinderen vaak erg onstabiel zijn, zo van Jantje lacht, Jantje huilt. Honderden wisselingen van emoties per dag. De ontwikkeling van het verstand begint later. 

De opvoeding door ouders of verzorgenden is een van de belangrijkste invloeden op de ontwikkeling van de persoonlijkheid. Maar ook onderwijzers en het sociale milieu spelen er een rol in, en niet te vergeten de kerk waarin we opgroeien. Ook het werelddeel, het land en zelfs de streek waar we zijn grootgebracht heeft invloed op ons karakter. In elke samenleving gelden immers verschillende normen en waarden en de bijbehorende regels over gewenst en ongewenst gedrag. Ook het ras speelt een rol, maar niet zo'n sterke rol als veel mensen denken. Ook allerlei gebeurtenissen in ons leven kunnen invloed hebben op ons karakter. Een opgewekte, open persoon kan door intens verdriet of oorlogsgeweld veranderen in een gesloten, sombere persoon. Door wedergeboorte en geestelijke groei zal iemands karakter ook veranderen. Daarover zullen we in studiedeel "Veranderd gedrag" terugkomen.