|
H E R S C H E P P I N G
- VERSIE 1.1 bijbelstudies van Maarten te Hennepe over grondslagen en toepassing van het christelijke geloof |
||||||||
| start | inhoud | inleiding | achtergrond | trefwoorden | levensvragen | reageren | cd-rom | help |
|
|||
3. |
Nieuw leven |
||
6. |
Een nieuw begin |
1. |
Geestelijke baby |
Op de eerste scheppingsdag heeft God het licht geschapen. Eigenlijk was er nog niets veranderd op de aarde zelf. Alleen nu werd pas zichtbaar hoe chaotisch de aarde er bij lag. Zoals het licht van de eerste scheppingsdag op een nog altijd woeste en lege aarde viel, zo zien we pas na de wedergeboorte wat een puinhoop we van ons leven hadden gemaakt. Veel mensen zeggen dan: het lijkt wel of ik nog veel slechter ben dan voor mijn bekering. Zo'n opmerking is misschien wel het duidelijkste teken dat het licht inderdaad is doorgebroken.
Gelukkig staat er niet in Genesis 1:4: God zag dat de aarde nog woest was, maar: God zag dat het licht goed was. God bleef niet kijken naar die chaotische aarde, maar zag het licht. Dus moeten wij ook kijken naar wat is bereikt en vertrouwen dat God afmaakt waar Hij mee begonnen is (Fil.1:9). Er zijn te veel gelovigen die onnodig veel vreugde in hun leven missen, doordat ze steeds letten op wat ze nog niet kunnen en altijd maar met hun zonden bezig zijn. Leer dan van het steeds terugkerende refrein uit Genesis 1: God zag dat het goed was. God denkt positief. Alles wat God doet, is volmaakt, ook wat Hij in jouw hart doet, zelfs als zijn werk nog niet klaar is...
Na de eerste scheppingsdag en tussen de volgende scheppingsdagen bleef het niet constant licht. God maakte de cyclus van nacht en dag. Dit betekent dat de kosmische strijd tussen het licht en de duisternis daarna nog in volle gang was en is. Deze strijd moet op aarde nog worden uitgestreden. Hier komen licht en duister, blijdschap en verdriet, overwinningen en nederlagen, genieten en pijn lijden nog naast elkaar voor. Helaas! Later, als de nieuwe aarde er is en alle strijd gestreden zal zijn, dan zal er ook geen nacht meer zijn (Op.21:25). Pas dan zal alles tot volmaaktheid zijn gekomen.
Als iemand is wedergeboren, is hij geestelijk gezien een baby die nog moet opgroeien tot een geestelijk volwassen persoon. Net als "gewone" baby’s zijn jonggelovigen nog onstandvastig en instabiel. Ze moeten als het ware nog leren lopen in hun geestelijk leven. Daarom moet het ons niet verbazen als ze zo nu en dan omvallen. De meesten van ons zijn als baby talloze malen op onze luier gevallen, toen we probeerden te lopen, maar als we nu lichamelijk gezond zijn lopen we moeiteloos. Daarom mogen we er van uitgaan dat ons nieuwe leven zal groeien. Het kost de meeste mensen 15-20 jaar om volwassen te worden. Kunnen we dan verwachten dat een christen binnen zes maanden na zijn wedergeboorte een volwassen, gelovige is? Als jij een pasbekeerde gelovige bent, mag je weten dat je hemelse Vader je voldoende tijd geeft om te groeien. Je hoeft niet ineens alles goed te doen. Dat heeft niemand vóór je gepresteerd, dus maak je daarover maar niet te veel zorgen.
Jezus zei:
"Ik ben het licht der wereld; wie Mij volgt, zal nimmer in de duisternis wandelen, maar hij zal het licht des levens hebben." (Johannes 8:12)
Bij de bekering zet je de eerste stap op een nieuwe weg door het aardse leven. Het eindpunt is de ontmoeting met God, waarna je tot je einddoel zult komen in het hiernamaals. Zolang je op aarde leeft, ben je niet "gesetteld", maar onderweg (Heb.11:13-15). De aarde is niet je geestelijke thuis, maar een doorgangsgebied. Je thuis is het "Vaderhuis" in de hemel. Alles wat je op aarde doet is bepalend voor wat je in het hiernamaals zult zijn...