H E R S C H E P P I N G - VERSIE 1.1
bijbelstudies van Maarten te Hennepe over grondslagen en toepassing van het christelijke geloof
start inhoud inleiding achtergrond trefwoorden levensvragen reageren cd-rom help

 

Ga naar het vorige studiedeel  Ga naar het begin van dit studiedeel  Ga naar het volgende studiedeel

3.

Nieuw leven


Ga naar het vorige hoofdstuk  Ga naar het begin van dit hoofdstuk  Ga naar het volgende hoofdstuk

4.
Wedergeboorte

Ga naar de vorige pagina  Niet geactiveerd  Ga naar de volgende pagina

6.
Levendmaking

Wat is levendmaking?

Levendmaking is het belangrijkste aspect van de wedergeboorte. Dat is eigenlijk waar het om gaat. Ontvangen van nieuw leven en wedergeboorte zijn begrippen die dan ook heel dicht bij elkaar liggen. Geboorte betekent immers niets anders dan dat je begint te leven.

Na de zondeval is de mensheid in de geestelijke dood terechtgekomen. Door zijn plaatsvervangend sterven aan het kruis heeft Jezus zijn leven prijsgegeven om de mensheid alsnog het leven te kunnen aanbieden. Bij de wedergeboorte wordt dit leven aan de mens geschonken en wordt hij letterlijk een nieuw mens. 

Bij levendmaking onderscheiden we een min-kant en een plus-kant. De min-kant is dat de wedergeboren mens niet langer geestelijk dood is; de plus-kant is dat hij nieuw, geestelijk leven ontvangt. 

Min-kant: niet langer geestelijk dood

Toen Adam zondigde, stierf hij in geestelijke zin. Adam was geschapen zonder de geestelijke verbondenheid met God. Geestelijk leven had hij kunnen ontvangen door een geloofskeuze voor God te maken en te eten van de levensboom. Daarentegen koos hij voor onafhankelijkheid van God en zo ontving hij de geestelijke dood bij de doodsboom (zie "Twee bomen in het paradijs" in studiedeel "Schepping"). Zo is ook elke nakomeling van Adam geboren zonder geestelijke verbondenheid met God. Bij de wedergeboorte ontvangt men het leven dat Adam zou hebben gekregen als hij van de levensboom zou hebben gegeten. Het kruis van Christus is je levensboom geworden. Ieder die Jezus heeft aangenomen (bekering) heeft gegeten van de levensboom en nieuw leven gekregen. 

In het dagelijks taalgebruik betekent "geestelijk leven" zoiets als alle kerkelijke en godsdienstige activiteiten bij elkaar. Dat woordgebruik heeft dus niets met echt geestelijk leven te maken. Het nieuwe leven is niet een aangeleerde levensstijl, maar heeft een zuiver geestelijke kwaliteit. Het is bovennatuurlijk leven van God. Nieuw leven betekent dat de Heilige Geest in iemands menselijke geest woont en zich via de menselijke geest manifesteert. Daarover is in het Oude testament al geprofeteerd:

"Een nieuw hart zal Ik u geven en een nieuwe geest in uw binnenste; het hart van steen zal ik uit uw lichaam verwijderen en ik zal u een hart van vlees geven. Mijn Geest zal ik in uw binnenste geven..." (Ezechiël 36:26-27)

Plus-kant: nieuw leven ontvangen 

Voor onze geboorte leefden we in het lichaam van onze moeder die ons via de navelstreng van alle noodzakelijke voedingsstoffen voorzag. Bij onze natuurlijke geboorte werd die navelstreng doorgeknipt en vanaf dat moment konden we onafhankelijk leven. Bij wedergeboorte is het net andersom. Voor de wedergeboorte leefden we misschien wel binnen een bepaalde invloedssfeer van God, maar in feite los van God. Bij de wedergeboorte worden we als het ware door een soort geestelijke navelstreng met God verbonden. Door die geestelijke navelstreng ontvangen we alles wat we nodig hebben om dat nieuwe leven te leven zoals het hoort. Het nieuwe leven kan dan ook worden omschreven als: leven in verbondenheid met God.

Als iemand wordt wedergeboren, dan gebeurt er iets in de geestelijke wereld. De hemel staat in open verbinding met alle mensen op aarde die nieuw leven hebben ontvangen. Daarom zegt de Bijbel ook dat er feest is in de hemel als een zondaar zich bekeert (Lucas 15:7,10). Wedergeboorte wordt niet alleen vanuit de hemel waargenomen, het speelt zich gewoon in de hemel zelf af. Ga er maar van uit dat die gebeurtenis even duidelijk door de hemelbewoners wordt waargenomen als het doorbreken van de zon op aarde gezien wordt door de aardbewoners.

Inwoning Heilige Geest

Zoals God bij Adam de levensadem inblies om hem tot leven te wekken, zo wordt een mens bij zijn wedergeboorte levend in geestelijke zin. Dat houdt in dat de Heilige Geest in hem komt wonen. De gelovige ervaart deze inwoning ook, waardoor hij de zekerheid heeft een kind van God te zijn (Rom.8:16). We kennen wel de uitdrukking "Jezus woont in je hart", die ook vaak naar kinderen toe wordt gebruikt op zondagsscholen. Met als gevolg dat toen een neef van mij een hartoperatie had ondergaan, dat zijn zoontje aan zijn moeder vroeg: "En heeft de dokter de Here Jezus nu in zijn hart gezien?" Ook Paulus heeft het over Jezus die woning maakt in ons hart (Ef.3:17) maar het is beter te spreken over de inwoning van de Heilige Geest. Zie meer hierover in "Inwoning van de Heilige Geest" in een volgend hoofdstuk "Een nieuw begin".

Met Christus gestorven en opgestaan

Paulus legt in Romeinen 6:3-5 uit dat wedergeboorte oftewel het ontvangen van nieuw leven ook kan worden beschreven als "met Christus gestorven en opgewekt zijn". Jezus heeft Zich vereenzelvigd met de mensheid door plaatsvervangend te sterven en vervolgens opgewekt te worden. Het gevolg is dat de mens, die Gods genadeaanbod heeft aangenomen, ook vereenzelvigd is met Christus in zijn sterven en opstanding: 

"... daar gij met Hem begraven zijt ... In Hem zijt gij ook mede opgewekt ..." (Kolossenzen 2:12) 

Nieuwe levenswandel

Het nieuwe leven is in de eerste plaats een geschenk van God, maar in de tweede plaats een opdracht. De nieuwtestamentische gelovige heeft als opdracht om Gods wil te gehoorzamen, daarbij krachtig ondersteund door de Heilige Geest die in hem woont. Die nieuwe levenswandel uit zich in liefde voor God en de medemens. Het is een kenmerk van elk levend wezen dat hij in principe de mogelijkheid heeft tot voortplanting. Zo is het nieuwe leven ook bedoeld om "vrucht te dragen voor God", maar daarover zullen we het later hebben.