|
H E R S C H E P P I N G
- VERSIE 1.1 bijbelstudies van Maarten te Hennepe over grondslagen en toepassing van het christelijke geloof |
||||||||
| start | inhoud | inleiding | achtergrond | trefwoorden | levensvragen | reageren | cd-rom | help |
|
|||
5. |
Groeiend vertrouwen |
||
4. |
Omgaan met beproevingen |
6. |
Hulp zoeken bij God |
Veel kerkmensen horen elke zondag ongeveer de volgende woorden tijdens de kerkdienst:
"Onze hulp is in de naam van de Heer, die hemel en aarde gemaakt heeft"
Geloof je dat of beschouw je het alleen als een vrome spreuk als bemoediging om de kerkdienst door te komen? Je kunt je door beproevingen laten verleiden om je last zelf te dragen: tanden op elkaar, flink zijn en je niet laten kennen. In geval van beknellende levensomstandigheden kan het heel moeilijk zijn om je niet op je pijn en moeite te concentreren, maar op iets buiten jezelf. Je kunt daar dan zo druk mee bezig zijn, dat je de Redder niet ziet, die naast je staat.
De Bijbel staat vol met aansporingen om uiteindelijk niet op jezelf en niet mensen te vertrouwen, maar op God. Soms stelt menselijke hulp ronduit teleur, want voor veel mensen is het moeilijk om echt te helpen, hoe goed ze het ook bedoelen. De echte hulp komt van God en is de krachtigste hulpbron voor wie met God wandelt. Die hulp moet natuurlijk wel in geloof worden aangenomen, zoals het gaat met alle beloften van God. Theoretisch, dood "geloof" valt hier door de mand. Eenzijdig ervaringsgeloof trouwens ook. Nu komt het op echtheid aan.
De Bijbel geeft veel voorbeelden van mensen die in moeilijke situaties besloten op God te vertrouwen. Een daarvan is de geschiedenis van Hanna, de moeder van de profeet Samuël. Laten we eens zien wat we van haar kunnen leren (1Sam.1).
Hanna had een probleem, dat haar een blijvend en diepgaand verdriet bezorgde:
Haar man Elkana was een vriendelijke, godsdienstige man, die zijn best deed om Hanna lief te hebben en te respecteren (1Sam.1:5,8). Toch kon hij haar niet helpen en het is de vraag of hij ten diepste begreep wat er in haar omging.
Hanna was een behoorlijk eind op weg om een verbitterde vrouw te worden. Zij moest toch de keus maken om óf door verbittering en zelfbeklag een emotioneel wrak te worden óf om zelf te zoeken naar een oplossing. Zij koos ervoor om haar hartsprobleem in Gods handen te leggen. Dat was een opmerkelijke geloofsdaad, zeker omdat het in die dagen erg droevig gesteld was met de godsdienstigheid van Israël. Hanna deed het volgende:
"... Toen ging de vrouw haars weegs, zij at weer en haar gelaat toonde geen droefheid meer." (1 Samuël 1:18)
Het bittere verdriet, waaraan Hanna geketend was geweest, viel van haar af ... door haar geloof. Vanaf dat moment was ze VRIJ!
God heeft Hanna's gebed buitengewoon royaal verhoord. Binnen een jaar werd haar zoon Samuël geboren. Hanna bracht haar naar de priester Eli en Samuël groeide op tot een begaafde profeet, die met God wandelde. Bovendien kreeg Hanna daarna nog drie zonen en twee dochters (2Sam.1:21). Al wat een mens in Gods hand legt, krijgt hij veelvoudig van Hem terug. Dat is een bijbels concept dat we als gelovigen wel weten maar niet genoeg beseffen, anders zouden we er veel meer naar handelen!
Als we onze problemen in Gods handen leggen (en dat is veel meer dan alleen bidden om hulp!) wil God onze problemen omsmeden tot zegeningen. Hanna is vele malen gelukkiger geworden dan Peninna. Als jij je probleem in Gods handen legt zul je gelukkiger worden dan iemand die zo'n probleem nooit gehad heeft. Geloof je dat? Dat is het grote geheim van geloofsvertrouwen. Het komt je niet aanwaaien, het kost je een stuk wilsovergave, maar het resultaat is gegarandeerd goed. Je zult de oplossing krijgen, hetzij hier op aarde, hetzij wanneer je aan het einde van je aardse leven in de hemel komt. Wel moeten we de tijd en de manier waarop aan God overlaten.