|
H E R S C H E P P I N G
- VERSIE 1.1 bijbelstudies van Maarten te Hennepe over grondslagen en toepassing van het christelijke geloof |
||||||||
| start | inhoud | inleiding | achtergrond | trefwoorden | levensvragen | reageren | cd-rom | help |
|
|||
10. |
Omgang met God |
||
3. |
Ontmoeting met God |
1. |
Toenadering |
Ik ga nu een principe uitleggen, dat vaak over het hoofd wordt gezien. Elke wedergeborene is immers "met Christus gezeten in de hemelse gewesten" (Ef.2:6). Daarom bidden we niet vanaf de aarde en naar de hemel, maar ... we bidden vanuit de hemel tot God en ... Jezus staat bij wijze van spreken naast ons. We zijn ons veel te weinig bewust van onze positie "in Christus". Daarom is het strikt genomen niet nodig om bijvoorbeeld te bidden "Heer wij komen tot U ..." want je bént al bij God. Wat bidders met zo'n cliché gebedszin natuurlijk BEDOELEN is dat zij hun aandacht willen richten op God in de hemel. Het gaat er even om dat we ons bewust zijn van onze uitgangspositie
God heeft ons als gelovigen de mogelijkheid gegeven om rechtstreeks met Hemzelf te spreken. Dit is mogelijk gemaakt door Jezus, die de kloof tussen God en de mensen, door zonde ontstaan, heeft overbrugd met het kruis. Daarom mogen we in Jezus’ naam altijd met God spreken, via de hemelse telefoonlijn, die nooit een bezettoon te horen geeft.
Gelovigen denken verschillend over de manier waarop ze God willen aanspreken in het gebed. We kunnen dan aan drie mogelijkheden denken:
Voor alle drie de uitgangspunten is dus wel iets te zeggen. Persoonlijk geef ik de voorkeur aan het bidden tot de Vader, omdat de Bijbel ons daartoe aanspoort, maar ik spreek soms ook wel Jezus of de Heilige Geest aan als dat beter uitkomt. Uiteindelijk is God één Persoonlijkheid en de drie afzonderlijke Personen hebben hetzelfde adres, dus laten we er maar niet een al te zwaar punt van maken.
Stilte is een belangrijke voorwaarde voor een diepgaande ontmoeting met God. Toen Mozes op de berg Sinaï een belangrijke ontmoeting met God zou hebben van veertig dagen lang, dacht hij waarschijnlijk dat God meteen met het gesprek zou beginnen. Natuurlijk wist God heel goed dat Mozes een drukbezet man was als leider van een miljoenenvolk. Voor zulke leiders is efficiënte tijdsbesteding van groot belang. Maar nee, God ging er heel anders mee om. Mozes klom tot halverwege de bergtop en toen kwam de wolk van Gods glorievolle aanwezigheid over hem en moest hij zes volle dagen wachten. Daarna pas riep God hem om verder op te klimmen en bij Hem te komen (Ex.24:15-18).
In deze drukke maatschappij is het heel moeilijk om stil te worden, om je gedachten helemaal tot rust te laten komen om vanuit die rust met Vader te kunnen spreken. Voor de meesten van ons vereist dat wel wat oefening en vooral ... geduld. Het is geen slecht idee om eerst enige tijd stil te zijn voordat we gaan bidden, al is het alleen maar om onze haast en onze drukte af te leggen en te genieten van de rust die God geeft...
Het lijkt misschien een beetje vreemd als je dat woord "bijpraten" leest in verband met de omgang met God. Maar als je er even over nadenkt is het zo vreemd nog niet. We maken van het gebed zo vaak een plichtpleging en daar wordt een gebed soms zo droog en stijf van. Omgang met God houdt ook in dat je God vertelt wat je bezighoudt.
Zo mag je God gewoon vertellen wat je hebt meegemaakt, en hoe je een en ander hebt ervaren. Of je het fijn vond, of dat je jezelf ergens over opgewonden hebt. Vertel de prettige en minder prettige dingen in het besef dat God diep geïnteresseerd is in de kleinste details van je leven. Natuurlijk is dit geen aanmoediging om van een gebed een kletsverhaal te maken. Integendeel, want dit bijpraten kan heel waardevol zijn.
Weet je wat er namelijk gebeurt als je God verslag uitbrengt van je doen en laten en je belevenissen? Dan ga je naar al die dingen kijken vanuit Gods kant en dan krijg je er vaak een veel gezondere kijk op. Voorbeelden:
Bij je hemelse Vader ben je volkomen veilig en al je hartsgeheimen kun je gerust aan Hem vertellen. Natuurlijk kent Hij ze al, maar het uitspreken ervan is heel zegenrijk. Onder zijn luisterend oor en zijn aanmoedigende, begripvolle blik is het gemakkelijker al je levenservaringen een plek te geven en er op een gezonde manier mee om te gaan. God heeft onverdeelde aandacht voor je en zijn Vaderhart gaat naar je uit (Psalm 103:13).
Je mag alles aan je hemelse Vader vertellen wat je verder nog dwars zit. Als je door bepaalde gedachten in beslag wordt genomen, is het moeilijk is om je ontspannen op God te kunnen concentreren. Uit je gevoelens tegenover je Vader, geef Hem je pijn, je zorgen en verdriet (1Pet.5:7).
Als je iets heel ergs hebt meegemaakt en niet begrijpt waarom je liefhebbende Vader dat in jouw leven heeft toegelaten, vertel Hem je teleurstelling en schuil bij Hem. Ook als je boos op God bent, vertel het Hem. Dat is beter dan mooie gebedswoorden uitspreken, terwijl het stormt in je hart. Lees de Psalmen er maar op na, dan zie je dat David ook heel eerlijk zijn emoties uitte naar God. Maar blijf wel uitzien naar Gods hulp en bemoediging.
Geef ook je zorgen aan God en besef dat het koesteren van zorgen een kwalijke zonde is. Daarmee bewijs je immers dat je niet gelooft dat God voor je zal doen wat goed en nodig is. Leg ook je zelfbeklag af, want dat is de grootste bron van depressieve gedachten. Ook zelfbeklag is een vorm van ikgerichtheid en dus zonde, ook al wil je dat misschien niet horen. Zie "Bezorgdheid" in studiedeel "Verlicht verstand".
Bidden is niet alleen maar spreken. Tijdens het gebed wil God ook wel eens iets tegen ons zeggen, maar vaak komt Hij er niet doorheen omdat wij zo druk aan het praten zijn. Probeer te leren om stil voor God te zijn en vraag Hem om beter zicht op wie Hij is.
Bid om leiding bij het nemen van beslissingen en het doen van keuzen. Zo'n gebed heeft natuurlijk alleen maar zin als je van plan bent om onvoorwaardelijk te doen wat God je aanreikt als zijn wil voor je leven (zie hoofdstuk "Gods leiding")