H E R S C H E P P I N G - VERSIE 1.1
bijbelstudies van Maarten te Hennepe over grondslagen en toepassing van het christelijke geloof
start inhoud inleiding achtergrond trefwoorden levensvragen reageren cd-rom help

 

Ga naar het vorige studiedeel  Ga naar het begin van dit studiedeel  Ga naar het volgende studiedeel

13.

Rust en vernieuwing


Ga naar het vorige hoofdstuk  Ga naar het begin van dit hoofdstuk  Ga naar het volgende hoofdstuk

4.
Eeuwige bestemming

Ga naar de vorige pagina  Niet geactiveerd  Ga naar de volgende pagina

5.
Positie in het hiernamaals

 

Als we er van uitgaan dat behalve gelovigen ook een aantal ongelovigen uiteindelijk eeuwig leven zullen ontvangen (zie vorige onderwerpen), wat heeft het dan voor nut om als christen te leven?

Positie in hiernamaals

Als je een nieuwe baan krijgt is het niet alleen belangrijk bij welk bedrijf je gaat werken, maar ook welke positie je krijgt en welk je salaris je gaat verdienen. Het maakt uit of je bent aangenomen als aankomend assistent loopjongen of als algemeen directeur. Ook maakt het uit of je een minimum loon verdient of een topsalaris. Het is merkwaardig dat heel veel gelovigen nauwelijks nadenken over hun toekomstige positie in het koninkrijk van God. De meeste mensen zijn redelijk carrièrebewust en gaan met overleg te werk als ze van baan veranderen. Maar als het gaat om hun positie in de eeuwigheid hebben ze een instelling van "we zien wel". En dat terwijl die eeuwigheid oneindig veel langer duurt en oneindig veel meer waard is dan die baan waar ze een paar jaar lang een paar centen mee verdienen. Toch bevat de Bijbel heel wat informatie over onze eindbestemming. Daarbij gaat het niet alleen over de vraag "eeuwig leven of eeuwige dood", maar ook over de factoren die bepalend zijn voor onze toekomstige positie in het hiernamaals. 

Daden zijn bepalend voor toekomstige positie

Wat we op aarde gedaan hebben is bepalend voor onze positie in het hiernamaals. Dat staat vele malen in allerlei bewoordingen in de Bijbel. Paulus schreef bijvoorbeeld:

 "Want wij moeten allen voor de rechterstoel van Christus openbaar worden, opdat een ieder wegdrage wat hij in zijn lichaam verricht heeft, naar wat hij gedaan heeft, hetzij goed, hetzij kwaad." (2 Korintiërs 5:10)

Hier gaat het niet over de globale eindbestemming "eeuwig leven of eeuwige dood" maar over de mate van beloning of straf op grond van wat we op aarde hebben gedaan. Het is heel belangrijk om te zien dat we niet worden beoordeeld op ons geloof, maar op onze daden. De eeuwigheidswaarde van wat we tijdens ons leven gedaan hebben wordt in het hiernamaals omgezet in een passende positie en een bijbehorende beloning of straf. Hoe meer vrucht iemand tijdens zijn leven heeft voortgebracht, hoe hoger zijn positie en hoe hoger zijn loon in de eeuwigheid. Anderzijds ook, hoe immoreler een mens heeft geleefd, hoe afschuwelijker zal zijn positie en zijn straf in het hiernamaals zijn.

Twee gelijkenissen

Er staan in de Bijbel twee gelijkenissen, die veel op elkaar lijken, maar ook verschillend zijn: de gelijkenis van de talenten (Matteüs 25:14-30) en die van de ponden (Luc.19:11-27). Het gaat in beide gevallen om een manager, die aan enkele personeelsleden een bedrag geeft met de opdracht om zaken te doen en zo veel mogelijk opbrengst te realiseren. Het doel van de opdracht is niet in de eerste plaats om zo veel mogelijk winst uit die medewerkers te krijgen, maar om uit te zoeken in hoeverre ze geschikt zijn voor verantwoordelijke posities in de nieuwe vestiging van het bedrijf. In beide gelijkenissen worden een paar ijverige medewerkers genoemd en één die uit zijn neus heeft zitten eten. Als de manager terugkomt, krijgen de succesvolle, ijverige medewerkers een forse beloning, terwijl de luie medewerker onzachtzinnig de laan uitgestuurd wordt.

Gelijkenis van de talenten

In de gelijkenis van de talenten krijgen verschillende medewerkers verschillende hoeveelheden geld (talenten) mee. Hier ligt de nadruk op de gaven, die gelovigen van God hebben ontvangen. Dat kunnen zowel natuurlijke bekwaamheden zijn als bijzondere geestesgaven. Het zijn even zovele instrumenten om daarmee geestelijke vrucht te dragen.

En dan komt de afrekening. De medewerker, die van vijf talenten tien talenten heeft gemaakt, blijkt dezelfde beloning te krijgen als degene die van twee talenten vier talenten heeft gemaakt. Daarbij krijgen ze dezelfde woorden te horen: "over weinig zijn jullie trouw geweest, over veel zal ik jullie stellen." Beiden ontvangen de toegang tot het feest en daarmee wordt natuurlijk het eeuwige leven bedoeld. De medewerkers worden dus niet beloond naar de hoeveelheid winst die ze gemaakt hebben. Dat is ook rechtvaardig, want ze zijn immers met een verschillend beginkapitaal begonnen. Beiden hebben 100% winst gemaakt en dat is een gelijke prestatie.

De moraal van het verhaal is: gelovigen, die hun gaven gebruiken om vrucht te dragen voor de Heer zullen het eeuwige leven ontvangen. Zij zullen NIET beloond worden naar de gaven die ze hebben ontvangen, maar naar de mate waarin ze van hun gaven gebruik hebben gemaakt. We mogen ons dus nooit verschuilen achter het feit dat we minder gaven zouden hebben gekregen dan een ander. Ik heb eens het verhaal gehoord van een oude vrouw in Rusland die nog maar één vinger kon gebruiken. Gedurende het communistische tijdperk gebruikte ze die ene vinger om liederenbundels te typen, die immers niet gedrukt mochten worden. Wat een geweldig gebruik heeft deze gelovige vrouw gemaakt van die ene kleine gave die ze nog had. Wat denk je dat Jezus tegen haar gezegd heeft toen Hij haar in de hemel verwelkomde? Inderdaad, precies hetzelfde als tegen de man in de gelijkenis, die zijn vijf talenten had verdubbeld. 

De andere kant is ook waar: een nulopbrengst van ons levenskapitaal laat zien dat we het niet waard zijn om in het hiernamaals met Christus zelfs maar de geringste verantwoordelijkheid te dragen, ongeacht of we actief lid zijn geweest van de meest bijbelgetrouwe kerk. Wie zijn kansen op vrucht dragen systematisch heeft laten liggen heeft geen waarde voor Gods Koninkrijk en zal daarin geen plaats hebben. Zo iemand ontvangt zelfs niet het eeuwige leven, want zoals Jezus zegt in Matteüs 25:30, zal de slechte werknemer terechtkomen in "de buitenste duisternis". Dat is een ernstige boodschap.

Gelijkenis van de ponden

In de gelijkenis van de ponden krijgt iedere medewerker hetzelfde beginkapitaal. Vergeleken met een talent is een pond maar een beperkt bedrag. Het beginkapitaal zou vergeleken kunnen worden met het nieuwe leven dat iemand ontvangt bij de wedergeboorte. Dat heeft in het begin meestal maar een beperkte uitwerking in iemands leven, maar het heeft enorme groeimogelijkheden met geloof als belangrijkste factor. Iedere gelovige krijgt bij zijn wedergeboorte de volledige toegang tot alle hemelse bronnen en iedereen start met gelijke kansen in Gods Koninkrijk (Ef.1:3).

De afrekening laat een opmerkelijk verschil met de andere gelijkenis zien. Hier worden de medewerkers namelijk wél op hun winst afgerekend. Degenen die vanwege hun trouwe toewijding winst hadden gemaakt, mochten als beloning het beginkapitaal plus de winst behouden. En dat terwijl ze daar eigenlijk geen recht op hadden, want het was nooit hun eigen kapitaal geweest. Maar bovenal (en daar ging het om!) kregen ze een eerbare positie aangeboden: de verantwoordelijkheid over even veel steden als dat ze er ponden bij hadden verdiend.

Wat we hieruit kunnen leren is dat trouwe toewijding aan God om geestelijke vruchten te dragen resulteert in een passende positie in het hiernamaals en een bijbehorende beloning. Nogmaals: het gaat hier niet om de toegang tot het eeuwige leven, maar om de positie en de beloning. De Bijbel spreekt over het feit dat gelovigen later met Christus zullen regeren. Daarbij gaat het om verantwoordelijke posities binnen het Koninkrijk. Voor sommige gelovigen zal het misschien letterlijk betekenen dat ze burgemeester zullen worden van een of meer plaatsen. Voor anderen zal er misschien een onderwijzende of dienende taak zijn. Niet dat zoiets overigens minder is dan een taak als burgemeester, maar ik denk dat God ons in het hiernamaals verschillende taken zal geven, die wellicht gerelateerd zijn aan onze persoonlijkheid en aan wat we op aarde hebben gedaan.

De andere kant is ook waar: een nulopbrengst van iemands nieuwe leven heeft ernstige gevolgen. Zelfs het pond, dat hem was toevertrouwd, wordt hem afgenomen. In geestelijke zin betekent dat hetzelfde als wat we gezien hebben in de andere gelijkenis: de ontrouwe, niet-toegewijde werknemer zal niet het eeuwige leven ontvangen, ondanks dat hij goed begonnen is. Het is een ernstige boodschap, maar de Bijbel zegt het niet anders. Laten we er niet van uitgaan dat het uiteindelijk bij de eindbeoordeling allemaal wel zal meevallen. Een gewaarschuwd mens telt voor twee.